|
|
[ De familie Ritsema ] | ||
| Ons voorgeslacht < vn. Ritse, een fri./gron. vorm van een germ. naam die met Rik = 'aanzienlijk, machtig (rijk)' is samengesteld, bv. Ritsert/Ridzert (vgl. Ritsma). In het Westerkwartier van Groningen stonden enkele Ritsema-boerderijen: Ritsemaheerd te Oldehove, in 1576 door Dirck Ritsema bewoond, Ritsemastede te Grootegast en Ritsemastede te Noordhorn. Bij deze laatste hoorden in 1577 Wirck Ritsema en Ype Ritsema. Mogelijk is Ype dezelfde als, of verwant aan, Eepe/Ipe Ritsema, die op de Zuidwende in Stitswerd was gevestigd. Van hem gaat een stamreeks uit, o.a. via muntmeester Rosier Alberts Ritsema (huw. Groningen 1623). Diens broer Lambertus Alberti Ritsema was in 1620 predikant te Bierum; hij noemde zich later naar deze plaats Bieruma. Hun stemmen stierven weg in 't ruisen van de eeuwen het boerenlied na 't maaien van het gras des schrijvers droge wijs bij 't pengekras- en vroeger nog, de geuzenzang der Zeeuwen ' t Is al verwaaid- hun kleine leven werd vergeten verloren gingen brief en beeltenis van huis en haard niets meer gebleven is verbrand, verkocht al wat zij hun bezit geheten. P.J. Ritsema Scheveningen 1965 Geen nieuwe berichten op dit moment. Controleer later nog eens. |
| ||||||||||||||||||||||||||||
| e107 powered website. e107 is © e107.org 2002-2008 | ||||||||||||||||||||||||||||||